Ik zat rustig in zaal 038 van het Marinus Ruppertgebouw op de Uithof in Utrecht. Een beetje spelen met kaartjes voor in de atlas die we moeten maken. 'Kom', dacht ik 'laat ik even wat warme chocomel gaan halen.' Maar daarvoor moest ik wel eerst mijn chipknip gaan opladen in het Educatorium, waarvoor je dus het hele Ruppertgebouw door moet lopen. Op hetzelfde moment kwam het meisje met wie ik samenwerk de zaal binnen en we begonnen een beetje te praten en met Excelbestandjes te prutsen, waardoor ik mijn wandelingetje nog even uitstelde.
En dat was maar goed ook, want een halve minuut nadat ze binnen gekomen was begon het hele gebouw te trillen. 'Waarom gaan ze met dit weer buiten met drilboren spelen?', dacht ik nog. Het volgende moment hoorden we een vreemd lawaai. Eerst dachten we dat de bliksem ergens insloeg, maar het geluid was daar niet scherp genoeg voor en bovendien duurde het veel te lang. Daarop kwam iemand de zaal binnenrennen en riep uit: 'Het gebouw is ingestort!'
Ja, ammehoela op een houtvlot, dat geloofde ik natuurlijk niet. Maar ik ging toch maar even kijken. En ja hoor, op de gang was een complete ravage te zien! Mensen begonnen door elkaar te lopen en te roepen dat we naar buiten moesten gaan, want het hele gebouw kon wel instorten. Omdat ik niet zo helder van geest was op dat moment en zei 'Ja maar, we moeten onze data nog opslaan!', greep mijn groepsgenootje mijn tas en mijn mobiel en trok me mee naar de gang, waar iedereen naar de nooduitgang toeliep. Eenmaal buiten gekomen werd iets duidelijker wat er nou aan de hand was: een grote groene kraan, die het hele jaar al naast het gebouw stond, omdat de Uithof één grote bouwput is op het moment, was op het gebouw gevallen. Het staal was door de wind gewoon omgebogen en de grote hal van het gebouw was compleet verwoest. Binnen de kortste keren waren overal sirenes te horen van politieauto's. Even later kwamen ook brandweerwagens en ambulances luid loeiend aangereden. Mensen belden in paniek hun vrienden, om te weten te komen of die in orde waren. Ik deed hetzelfde uiteraard. Ik herinner me nog dat ik tegen iemand gezegd heb 'Je kunt er donder op zeggen dat er doden zijn gevallen natuurlijk', want het is vaak behoorlijk druk in de hal van het Ruppertgebouw. Maar wonder boven wonder is het pas gebeurd toen het college dat precies op die plek plaatshad was afgelopen en die 200 mensen inmiddels de gang hadden verlaten!
Toeval of leiding, vraag je dan nog? Het lijkt me wel duidelijk. Ik weet me beschermd door de Heer, omdat Hij ervoor zorgde dat mijn werkcollege, dat om 11 uur precies op die plek zou plaatsvinden, op het laatste moment ineens verplaatst werd naar 12 uur én omdat Hij ervoor zorgde dat ik op dat moment niet door die gang zou lopen om mijn chipknip op te laden. Zo heeft Hij ervoor gezorgd dat ik om tien over elf, toen het gebeurde, niet op die plek zou zijn. Ik schaam me dat ik een tijd later zo bang was toen ik onder een stel bomen moest doorlopen die heen en weer zwiepten in de harde wind. Deze natuurkrachten zijn groter dan wij, maar God is nog groter en stuurt alles!
'Hij schoof de hemel open en daalde af,
duisternis onder zijn voeten,
hij besteeg de cherub en vloog,
zwevend op de vleugels van de wind.' (psalm 18:10 en 11)